Trident studies

De niet-invasieve prenatale test (NIPTniet-invasieve prenatale test ) wordt per 1 april 2017 als eerste screeningstest aangeboden vanwege een wetenschappelijke implementatiestudie: TRIDENT-2. Dit betekent dat de zwangere alléén kan kiezen voor de NIPT niet-invasieve prenatale test  als ze meedoet aan de studie. De combinatietest blijft tijdens TRIDENT-2 ook beschikbaar. TRIDENT 1 is onderzoek naar inzet NIPT als vervolgonderzoek na de combinatietest. TRIDENT-2 is een vervolg op TRIDENT-1, maar geen vervanging daarvan. TRIDENT-1 en TRIDENT-2 zullen voorlopig naast elkaar bestaan. De resultaten worden na afloop van de studies gebruikt voor advies over de verdere invoering van de NIPT in Nederland.

 

Welke techniek wordt gebruikt?

Bij de NIPT wordt bloed afgenomen bij de zwangere. Het bloed wordt onderzocht in een laboratorium om te kijken of er bij de foetus aanwijzingen zijn voor down-, edwards- of patausyndroom.

Het bloed bevat vrij circulerend DNAdeoxyribonucleic acid   (cfDNA). Een klein deel hiervan (ongeveer 10 procent) komt van de placenta, het overgrote deel (90 procent) van de zwangere. De vrije DNA-fragmenten worden bij de NIPT onderzocht. Als van chromosoom 21, 18 of 13 relatief veel DNA-fragmenten in het bloed van de zwangere zitten, is dat een aanwijzing voor respectievelijk down-, edwards- of patausyndroom bij de foetus.

Bij de NIPT moet de zwangere kiezen of zij wel of geen nevenbevindingen wenst te horen.

 

Exclusiecriteria

Een zwangere komt niet in aanmerking voor de NIPT als:

  • zij zwanger is van een dichoriale tweeling.
  • er sprake is van een vanishing twin.
  • er sprake is van echoscopisch vastgestelde afwijkingen bij de foetus (waaronder ook een NTNekplooimeting ≥ 3.5 mm).
  • de zwangere (en/of haar partner) zelf een chromosoom¬afwijking heeft, behalve als het een Robertsoniaanse translocatie (13;21) betreft.
  • er sprake is van een moederlijke maligniteit op het moment van de aanvraag.
  • de zwangere in de afgelopen drie maanden een bloedtransfusie, stamcel- of orgaantransplantatie of immunotherapie heeft gehad.
  • de zwangere jonger is dan 18 jaar.
  • de zwangere - naar het oordeel van de counselor - niet in staat is om, eventueel met hulp van een tolk, het doel van het onderzoek te begrijpen en toestemming te geven.
  • de zwangere geen Nederlandse zorgverzekering heeft.
  • de zwangere geen BSNBurger Service Nummer  nummer heeft.

Verder lezen: