Rond de 20e week van de zwangerschap kunnen zwangeren een echo-onderzoek (het Structureel Echoscopisch Onderzoek) laten doen om een aantal  structurele afwijkingen op te sporen.

Binnen het programma prenatale screening op down-, edwards- en patausyndroom en het SEOstructureel echoscopisch onderzoek zijn landelijke kwaliteitseisen vastgesteld voor de screeningstesten.

Coronavirus en het SEO

Coronavirus en het SEOstructureel echoscopisch onderzoek

Het SEO blijft tijdens de uitbraak van het nieuwe coronavirus (COVID-19) toegankelijk voor zwangere vrouwen. De NVOGNederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie , de KNOVKoninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen de BENBeroepsvereniging Echoscopisten Nederland en het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu-CvBCentrum voor Bevolkingsonderzoek vinden dit noodzakelijk.

Er geldt een aangepast landelijk beleid. Hieruit volgen (tijdelijke) maatregelen over het contact met een zwangere vrouw en wanneer het SEO wel of niet plaats mag vinden. 

Lees meer over de (tijdelijke) SEO-maatregelen en -richtlijnen


De test

Met het structureel echoscopisch onderzoek (SEOstructureel echoscopisch onderzoek ) wordt gekeken naar structurele (lichamelijke) afwijkingen van het ongeboren kind. Het SEO kan worden uitgevoerd tussen week 18+0 en week 21+0 van de zwangerschap, en bij voorkeur tussen week 19+0 en 20+0 van de zwangerschap. Ook bij een incompleet SEO vanwege onvoldoende beeldvorming moet de herhaling van het SEO vóór 21+0 afgerond zijn. De reden hiervoor is dat bij gevonden afwijkingen vervolgonderzoek vaak tijdrovend is. Na de uitkomst van het vervolgonderzoek moet er voldoende tijd zijn voor de zwangere om voor zichzelf af te wegen of ze de zwangerschap al dan niet wil afbreken.

Exclusiecriteria

Alle zwangeren komen in aanmerking voor een SEO.

Nevenbevindingen

Zwangeren die besluiten een SEO   te laten verrichten, kiezen daarmee voor onderzoek van het hele kind. De echoscopist zal alle aandoeningen die ze ziet communiceren. De zwangere kan er niet voor kiezen bepaalde aandoeningen niet te willen weten. Naast structurele afwijkingen kunnen andere afwijkingen gevonden worden die relevant zijn en waarvoor vervolgonderzoek nodig is. Voorbeelden hiervan zijn een afwijkende placenta, vasa praevia, myomen of maternale adnexafwijkingen.

Ook is het mogelijk dat zogenoemde sonomarkers of softmarkers gevonden worden bij het SEO.

Vervolgonderzoek na SEO of medische indicatie

Er kan sprake zijn van een medische indicatie of (mogelijke) afwijkingen bij de foetus bij het SEO. In die gevallen informeert de verloskundig zorgverlener de zwangere over een mogelijke verwijzing naar een Centrum voor Prenatale Diagnostiek. Daar krijgt de zwangere uitleg over vervolgonderzoek en de voor - en nadelen daarvan. De zwangere kan besluiten om niets te doen of te kiezen voor een GUOgeavanceerd echoscopisch onderzoek .


GUO

Bij het geavanceerd echoscopisch onderzoek (GUO )worden orgaanstructuren, de foetale groei en de hoeveelheid vruchtwater van het kind onderzocht. Ook is het mogelijk om lichamelijke afwijkingen die in ernst variëren vast te stellen. Er bestaan twee soorten GUO:

  1. GUO type 1: hiervoor komen zwangeren in aanmerking die op basis van hun anamnese een verhoogde kans hebben op een aangeboren afwijking. Zij slaan het screeningsstadium over.
  2. GUO type 2: hiervoor komen zwangeren in aanmerking bij wie een echoscopist bij het SEO een (verdenking op) een afwijking vindt. Het streven is dat dit onderzoek binnen 3-4 dagen na het SEO wordt uitgevoerd.

Het GUO vindt plaats in een Centrum voor Prenatale Diagnostiek.

Opties na vervolgonderzoek naar lichamelijke afwijkingen

Het verdere beleid is afhankelijk van de bevindingen bij het GUO. Er kan voor worden gekozen de zorg tijdens de zwangerschap, bij de bevalling en direct na geboorte zo te organiseren dat de kansen voor het kind optimaal zijn. Bij ernstige afwijkingen kan de zwangere besluiten de zwangerschap af te breken of zich voor te bereiden op een kind met een afwijking. Bij een open rug en bij sommige hartafwijkingen behoort een intra-uteriene behandeling tot de mogelijkheden. Zie voor meer informatie over intra-uteriene behandelingen www.fetusned.nl

 

Het kan bij voorbaat duidelijk zijn dat het ongeboren kind een verhoogde kans heeft op een lichamelijke afwijking. De verloskundig zorgverlener (of counselor) verwijst de zwangere dan niet voor een SEOstructureel echoscopisch onderzoek , maar naar een Centrum voor Prenatale Diagnostiek voor een GUOgeavanceerd echoscopisch onderzoek -I. De verloskundig zorgverlener vertelt de zwangere dat een SEO geen alternatief is voor een GUO-I. Een SEO mag ook worden uitgevoerd. De gegeven voorlichting moet worden aangetekend in het dossier.

Meer informatie over indicaties vindt u op de websites van de Regionale Centra voor Prenatale Screening.

Een normale uitslag van het SEOstructureel echoscopisch onderzoek  is geruststellend, maar het sluit niet uit dat er toch afwijkingen zijn bij de foetus. Niet alle lichamelijke afwijkingen kunnen worden gezien met een echo rond de 20 weken zwangerschap. Daarnaast is het SEO geen genetisch onderzoek en kunnen bijvoorbeeld verstandelijke beperkingen niet worden vastgesteld. Het is belangrijk dat de zwangere zich de beperkingen van het SEO realiseert.

Een aantal zwangeren krijgt te horen dat het SEO aanwijzingen laat zien voor een afwijking bij het kind. Bij vervolgonderzoek blijken deze afwijkingen er toch niet te zijn. Er was sprake van een fout-positieve uitslag.

Soms wordt bij het structureel echoscopisch onderzoek een afwijking vermoed. De de verloskundig zorgverlener of echoscopist stuurt de zwangere dan direct door naar een Centrum voor Prenatale Diagnostiek.
Bij het Centrum voor Prenatale Diagnostiek vindt posttest counseling  en indien gewenst verder onderzoek plaats. Het verder onderzoek bestaat uit een geavanceerd echoscopisch (ultrageluid) onderzoek (GUOgeavanceerd echoscopisch onderzoek ) type II.

Soms is verder diagnostisch onderzoek (zoals invasieve prenatale diagnostiek) of aanvullend bloedonderzoek van de zwangere nodig. Invasieve prenatale diagnostiek kan een chromosomale afwijking aantonen of uitsluiten.

Nee, het SEOstructureel echoscopisch onderzoek  bij een zwangerschapsduur van 18 tot 20 weken vindt niet alle aandoeningen. Het hangt van de aard van de aandoening af hoe groot de kans is dat de afwijking wordt gezien bij het SEO. Sommige afwijkingen zijn te klein om te kunnen zien bij deze termijn; andere afwijkingen ontstaan pas later in de zwangerschap. Bij sommige zwangeren is de beeldvorming niet optimaal, bijvoorbeeld door overgewicht, littekenweefsel in de buikwand of de ligging van het kind.

Het verschilt per afwijking hoe groot de kans is dat een bepaalde afwijking wordt opgespoord met een SEOstructureel echoscopisch onderzoek .