Het kan bij voorbaat duidelijk zijn dat het ongeboren kind een verhoogde kans heeft op een lichamelijke afwijking. De verloskundig zorgverlener (of counselor) verwijst de zwangere dan niet voor een SEOstructureel echoscopisch onderzoek , maar naar een Centrum voor Prenatale Diagnostiek voor een GUOgeavanceerd echoscopisch onderzoek type 1. De verloskundig zorgverlener vertelt de zwangere dat een SEO geen alternatief is voor een GUO type 1. Meer informatie over indicaties vindt u op de website van de NVOG.

Nee. Bij sommige zwangeren is de beeldvorming niet optimaal. Bijvoorbeeld door overgewicht, littekenweefsel in de buikwand of de ligging van het kind. Bij een incompleet tweede trimester SEOstructureel echoscopisch onderzoek vanwege onvoldoende beeldvorming vindt op korte termijn een herhaling plaats.

Nee. Het verschilt per afwijking hoe groot de kans is dat het wordt opgespoord met een tweede trimester SEOstructureel echoscopisch onderzoek . Sommige afwijkingen zijn te klein om te kunnen zien; andere afwijkingen ontstaan pas later in de zwangerschap.

Een normale uitslag van het tweede trimester SEOstructureel echoscopisch onderzoek is geruststellend, maar sluit niet uit dat er toch afwijkingen zijn bij de foetus. Niet alle lichamelijke afwijkingen kunnen worden gezien met een echo rond de 20 weken zwangerschap. Daarnaast is het SEO geen genetisch onderzoek en kunnen bijvoorbeeld verstandelijke beperkingen niet worden vastgesteld. Het is belangrijk dat de zwangere zich de beperkingen van het SEO realiseert.
Een aantal zwangeren krijgt te horen dat het SEO aanwijzingen laat zien voor een afwijking bij het ongeboren kind. Bij vervolgonderzoek blijken deze afwijkingen er toch niet te zijn. Er was sprake van een fout-positieve uitslag

Zwangeren die besluiten een tweede trimester SEOstructureel echoscopisch onderzoek te laten verrichten, kiezen daarmee voor onderzoek van het hele kind. De echoscopist zal alle aandoeningen die zij ziet communiceren. De zwangere kan er niet voor kiezen bepaalde aandoeningen niet te willen weten.

Voor sommige (combinaties van) sonomarkers is verwijzing geïndiceerd voor geavanceerd ultrageluidsonderzoek in een Centrum voor Prenatale Diagnostiek. Voor andere sonomarkers is het nodig om later in de zwangerschap (30 weken amenorroe) het onderzoek te herhalen. Meer informatie hierover kunt u terugvinden in het NVOGNederlandse Vereniging voor Obstetrie en Gynaecologie   modelprotocol Onverwachte bevindingen bij het SEO.
Het advies is om alle sonomarkers te registreren en te melden aan de zwangere. Sonomarkers die geen consequenties hebben voor het beleid, dienen nadrukkelijk aan de zwangere uitgelegd te worden als een ‘anatomische variant zonder klinische betekenis’