Versie 3.2 is vastgesteld door het RIVMRijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu-CvBCentrum voor Bevolkingsonderzoek na positief advies van de Programmacommissie op 17 juni 2021.

Update 22 juni:
Op 17 juni 2021 is een wijziging doorgevoerd. De vereiste frequenties aan de vaginale probe waren gesteld op minimaal 7-9 MHz. Dat impliceerde dat lagere frequenties niet nodig zouden zijn. Echter, een vaginale probe voor een eerste trimester SEOstructureel echoscopisch onderzoek (rond 13 weken zwangerschap) zou ook moeten beschikken over lagere frequenties dan 7 tot 9 MHz. Daarom is dit aangepast naar 5-7 MHz.

Op 20 november 2020 zijn twee wijzigingen doorgevoerd in deze kwaliteitseisen. Eén betreft het gebruik van de probes. Daarnaast is ter verduidelijking opgenomen dat de apparatuur moet voldoen aan de gestelde eisen op het moment van ingebruikname van de apparatuur voor de prenataletijdens de zwangerschap screeningonderzoek .

Gewerkt wordt aan een kwaliteitssysteem en meetbare kwaliteitseisen van echosystemen, zodat de kwaliteit van de apparatuur gedurende het gebruik gecontroleerd kan worden. Zie voor meer informatie daarover hoofdstuk 3 van de kwaliteitseisen. U wordt hierover later verder geïnformeerd.