Het doel van de hielprik is om zieke kinderen op te sporen. Maar uit de hielprik kan ook blijken dat een kind drager is van sikkelcelziekte. Sikkelcelziekte is een vorm van erfelijke bloedarmoede.

Dragerschap van sikkelcelziekte geeft geen klachten. Een kind dat drager is van sikkelcelziekte is dus niet ziek en merkt er zelf niets van.
 

Wanneer is een kind drager van sikkelcelziekte?

Een kind is drager van sikkelcelziekte als hij of zij deze aanleg heeft geërfd van een van de ouders.
Zijn de vader en de moeder allebei drager van sikkelcelziekte? Dan is er een kans dat zij een kind krijgen dat sikkelcelziekte heeft. Deze kans is bij elk kind dat zij samen krijgen 25 procent (één op vier).
Het kan voor ouders dus belangrijk zijn om te weten of zij allebei drager zijn van sikkelcelziekte. Vooral als zij nog meer kinderen willen.
Is uw kind drager van sikkelcelziekte? Dan kan de huisarts uw bloed ook laten onderzoeken op dragerschap van sikkelcelziekte.

 

Wilt u níet weten of uw kind drager is van sikkelcelziekte?

Als uw kind drager is van sikkelcelziekte, ontvangt u hierover bericht. Wilt u níet weten of uw kind drager is? Vertel dit aan degene die de hielprik uitvoert. Hij of zij zal u vragen een paraaf te zetten op de kaart die wordt ingevuld tijdens de hielprik. U krijgt dan geen bericht als uw kind drager is van sikkelcelziekte.