Uw kind kan na de geboorte meedoen aan de hielprik. De medewerker van de hielprikscreening vraagt of u dit wilt. Ook krijgt u bij de bloedafname de vraag of u bezwaar hebt tegen het bewaren van het overgebleven hielprikbloed. 

Meedoen is vrijwillig

U krijgt informatie over de hielprik van uw verloskundige of gynaecoloog.
Ook krijgt u bij de geboorteaangifte de folder ‘Hielprik en gehoortest bij pasgeborenen’.
Vóór de uitvoering van de hielprik vraagt de medewerker van de hielprikscreening eerst of u wilt meedoen.
Wilt u níet dat uw kind meedoet aan de hielprikscreening? Vertel dit aan de medewerker als hij of zij komt. Of als u gebeld wordt voor een afspraak.

Overgebleven hielprikbloed

Na het hielprikonderzoek blijft er meestal wat hielprikbloed op de hielprikkaart over. Het deel van de hielprikkaart met het overgebleven bloed wordt in een koelcel bewaard. Het deel van de kaart met de persoonsgegevens wordt op een andere plek bij het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) bewaard.

Het overgebleven hielprikbloed is nodig om het hielprikonderzoek te kunnen controleren. Hiervoor wordt het overgebleven hielprikbloed één jaar bewaard.

Het overgebleven hielprikbloed kan ook gebruikt worden voor wetenschappelijk onderzoek. Dit is onderzoek om de hielprikscreening verder te verbeteren. De onderzoekers kunnen hierbij niet zien van welk kind het overgebleven hielprikbloed is. Voor dit doel wordt het overgebleven hielprikbloed vijf jaar na de hielprik bewaard.

Lees meer over overgebleven hielprikbloed en waarom dit wordt bewaard

 

  • Wilt u níet dat het overgebleven hielprikbloed gebruikt worden voor wetenschappelijk onderzoek? Vertel dan bij de afname aan de medewerker van de hielprik dat u bezwaar maakt. Die vraagt u dan een paraaf te zetten op de hielprikkaart. Het overgebleven bloed van uw kind wordt dan níet gebruikt voor wetenschappelijk onderzoek. Het overgebleven bloed wordt dan één jaar na de hielprikafname vernietigd.
  • Heeft u bij de afname van de hielprik geen bezwaar gemaakt tegen het gebruik van het overgebleven hielprikbloed voor wetenschappelijk onderzoek, maar wilt u dit veranderen? U kunt een verzoek indienen om de hielprikkaart na een jaar toch te vernietigen. Belt of mailt u dan met het regiokantoor van RIVM-DVP.

Het komt soms voor dat een kind bij een kinderarts onder behandeling is, en dat de kinderarts met toestemming van de ouders het overgebleven hielprikbloed wil opvragen voor verder onderzoek van dit kind. Houdt u er rekening mee dat dit een jaar na de hielprikafname dan niet meer mogelijk is. 

Mogelijk wilt u het overgebleven hielprikbloed van uw kind zelf opvragen. Bijvoorbeeld om het in eigen beheer te bewaren of om het zelf te vernietigen. Belt of mailt u dan met het regiokantoor van RIVM-DVP. Ook als u het overgebleven hielprikbloed eerder dan één jaar na de hielprik al wilt laten vernietigen.

Het komt soms voor dat een kind bij een kinderarts onder behandeling is, en dat de kinderarts met toestemming van de ouders het overgebleven hielprikbloed bij het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) wil opvragen voor verder onderzoek van dit kind. Houdt u er rekening mee dat dit dan niet meer mogelijk is.

Gegevens bij de hielprikscreening

Om de hielprikscreening te kunnen uitvoeren zijn persoonsgegevens nodig, bijvoorbeeld de naam en het adres van uw kind. Deze gegevens krijgt het RIVM Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu) van de gemeente, na de aangifte van geboorte.

Bij het hielprikonderzoek worden metingen gedaan. De uitslagen hiervan laten zien of uw kind mogelijk een ziekte heeft. Om de uitslagen goed te kunnen beoordelen, zijn soms ook gegevens nodig zoals het geboortegewicht en de zwangerschapsduur.

Al deze gegevens komen in de informatiesystemen van de hielprikscreening. De gegevens zijn onderdeel van het hielprikdossier van uw kind. Het hielprikdossier wordt 20 jaar bewaard. Dit is de wettelijke bewaartermijn van medische dossiers. 

Uit het hielprikonderzoek komen ook gegevens die niet direct nodig zijn voor de uitslag van de hielprik van uw kind. Deze gegevens gebruiken we om te onderzoeken op welke ziekten we in de toekomst nog meer kunnen testen met de hielprik. Ook die gegevens worden bewaard.

De informatiesystemen zijn goed beveiligd.

Meer over hielprikgegevens